Wist je dat een 78-jarige Nederlandse oma lokale moestuincirkels verbaast met haar zelfgemaakte kastunnels? Ja, echt waar — het soort nieuws dat je niet elke dag hoort op de markt. Toen ik deze zomer in de tuin van mijn tante was, kwam de buurvrouw erover vertellen. Blijkbaar verdriedubbelt ze elk jaar haar oogst, en dat met spullen uit de Gamma en een snufje ouderwetse eigenwijsheid.

Hoe kwam ze op het idee?
Drie maanden geleden hoorde ik in een appgroep over “oma Riet” uit Zwolle die haar tomaten en komkommers onder mini-tunnels teelde. Eerst vroeg ik me af: kastunnels? Zijn dat niet die plastic bogen in het tuincentrum die binnen een seizoen gescheurd zijn? Maar zij heeft haar eigen bouwstijl ontwikkeld. Het begon allemaal toen haar zoon haar vroeg voor de zoveelste verjaardag een kas cadeau te doen – te duur, te groot voor haar volkstuin bij het station. Dus pakte oma Riet het creatief aan.
Zelf bouwtunnels maken: praktisch stappenplan
Volgens collega’s uit onze buurtapp is haar aanpak zo:
- Voor de structuur gebruikt ze simpele pvc-buizen van de Praxis, die je met grondpennen in boogvorm plaatst. Afstand tussen de bogen: ongeveer 70 centimeter — “dat voelt gewoon beter”, zegt ze altijd.
- Plastic folie kocht ze in bulk bij een lokale winkel — blijkbaar moet het UV-bestendig zijn. Ik had er nooit aan gedacht, maar dat voorkomt dat het folie elk jaar kapot gaat.
- Bevestigen doet ze met oude fietsbanden uit de schuur. “Bespaar nooit op knutselmateriaal”, hoorde ik haar zeggen.
- Tunnels zijn ongeveer 1 meter hoog en sluiten aan beide kanten met wasknijpers. Openingen aan de kopse kanten zijn makkelijk te maken door simpelweg het folie te vouwen.
Is het resultaat perfect? Nee, soms lekt de boel. Maar haar komkommers zijn drie keer zo groot als die van mijn moeder — misschien een toeval, misschien niet…
Waarom levert het zo veel meer op?
Niet alleen warmte blijft goed hangen in zo’n tunnel, het beschermt ook tegen regenbuien en — dit jaar weer gemerkt — die gekmakende slakken. “Als het regent in Nederland, regent het overal”, zegt mijn opa altijd. Tunnels houden het meeste water buiten, en toch krijgen gewassen genoeg lucht omdat oma aan de zijkanten het folie iets open laat hangen.

Voorbeelden uit de buurt — werkt het voor iedereen?
Eigenlijk zie ik nu steeds meer Zwollenaren — zelfs jonge gezinnen — met zelfgeknutselde tunnels. Mijn buurjongen had binnen vier weken z’n eerste zelfgekweekte erwten. Hoewel, niet iedereen is even enthousiast: “te veel werk,” zegt mijn collega van de bakfiets. Ik denk dat het vooral wennen is. Maar de resultaten zijn niet te ontkennen: wie er een beetje energie in steekt, merkt het verschil.
in de discussie in onze straatgroep werd wel gezegd: de kwaliteit van het plastic maakt veel uit, en je moet het in de herfst wel even opruimen, anders krijg je boze blikken van de buren (en, eerlijk, daar heb ik ervaring mee).
Voor wie is dit een goed idee?
Misschien niet als je een tiny balkon hebt aan de Amsterdamse Kostverlorenstraat, maar zelfs kleine achtertuinen in Utrecht zijn geschikt. Oma Riet gebruikt haar kastunnels inmiddels ook voor kruiden en vroege aardbeien. Dus, of je nu een gepensioneerde opa bent met tijd over of gewoon een drukke ZZP’er die een moestuin als ‘zen-plek’ gebruikt — kastunnels kunnen werken. Al is het wel prutsen met plastic en buizen, en ik weet niet of het in elke regio zo’n succes is.
Kortom — kastunnel eens proberen?
In het kort: meer oogst, minder problemen met regen en slakken, en je kunt het met lokale spullen bouwen. Ja, het is even werk en soms heb je te maken met lekkend folie, maar volgens mij is het dat dubbel en dwars waard. En als je het probeert — laat even weten hoe het ging, ben benieuwd! Anders gezegd: in Zwolle weten ze het al, misschien is het in Rotterdam straks net zo populair… maar zeker weten doe ik het niet.



