Vraag je je wel eens af welk tuingereedschap je nu écht nodig hebt? Of ben je, net als ik vorige maand, weer in zo’n bouwmarkt verdwaald tussen glimmende snoeischaren en veel te dure tuinhandschoenen? Je bent niet de enige. Wat veel klanten niet weten: sommige spullen zouden we als tuincentrum medewerkers zelf nooit aanschaffen. Sterker nog — vaak verdienen de winkelketens er het meest aan, maar heb je er in de praktijk weinig aan. Mijn collega uit Zwolle zei laatst nog, tijdens de lunch: “De helft van die troep belandt gewoon in de schuur en komt er nooit meer uit.” Nou, daar gaan we dan…
Waarom je niet alles moet geloven wat in de schappen ligt
Ooit merkte ik dat vooral beginnende tuinders álles willen kopen: van elektrische zaag tot automatische sproeiers (serieus, wie gebruikt dat echt in Friesland?). Veel gereedschap wordt gepromoot alsof je zonder niet kunt leven, maar eerlijk is eerlijk — bij ons thuis liggen er dingen stof te happen waar ik bij had gezworen ze iedere week te gebruiken. En ik weet dat ik niet de enige ben — vorige week nog zag ik een klant met vijf verschillende hakjes. Voor een balkon van vijf vierkante meter!

Top 3: Gereedschappen die wij zelf nooit kopen
- De ‘3-in-1’ multitool
Ziet er superhandig uit, maar in werkelijkheid is het een gevalletje ‘alles een beetje, maar niks goed’. Mijn buurman heeft zo’n ding gekregen — hij zei na een week al: “Zou je het willen hebben? Ik gebruik toch mijn gewone snoeischaar.” - Dure motorische bladblazer
Perfect als je vier voetbalvelden aan gras hebt, maar in de meeste Nederlandse tuinen is een simpele bladhark veel effectiever (en stiller!). Plus, die zware apparaten zijn zo onhandig… tenzij je fan bent van rugpijn. - Automatische tuinsproeier met app-bediening
Leuk bedacht, maar in Groningen regent het twee van de drie dagen wel. Mijn moeder zegt altijd: “Water geven kun je met een gieter ook.” En ze heeft gelijk — meestal is het onnodig high-tech geneuzel.
Wat werkt dan wel?
Na zo’n twaalf jaar werken bij verschillende tuincentra (Praxis, GroenRijk — en heel kort zelfs bij Intratuin), weet ik: investeer liever in degelijke, eenvoudige gereedschappen. Een goede schoffel, degelijke tuinhandschoenen, een scherpe snoeischaar. Dat zijn dingen die weinig stuk gaan, makkelijk schoon te maken zijn en niet na een seizoen in de kliko belanden.

En let er vooral op hoe een tool in de hand ligt. In het voorjaar had ik zo’n ergonomische schep getest waar je pols naar buiten staat — totaal ongemakkelijk, je krijgt binnen no time kramp. In ons team lachten ze er nog om: “Soms is gewoon ouderwets nog het beste, toch?”
Tips van de werkvloer (voor de echte tuinierders onder ons)
- Probeer gereedschap eerst even uit in de winkel — de meeste tuincentra in Nederland laten dat toe, vraag het gerust.
- Koop liever 1 goed stuk dan elk jaar een goedkope variant — goedkoper is vaak duurder op de lange termijn.
- Vraag buren of vrienden wat zij écht gebruiken. In onze straat is er altijd wel iemand die alles al heeft uitgeprobeerd!
- Vergeet hippe gadgets. In de praktijk blijft een lekker lichte gieter of een vaste snoeischaar favoriet.
Een kleine reality check…
Misschien zijn er mensen die zweren bij automatische sproeiers of supercompacte multitools — wie ben ik om te zeggen dat het voor niemand werkt. Maar als je buurman, drie collega’s én je moeder zeggen dat het onzin is… nou ja, dan is het misschien zo. Of we zijn gewoon eigenwijs, kan ook.
In het kort: laat je niet gek maken door het aanbod en onthoud — het beste gereedschap is dat waar je zelf graag mee werkt. Heb je zelf nog een miskoop gedaan? Deel het vooral hieronder, want geloof me: ik kan er nog een boek over schrijven. In ieder geval… succes in de tuin. Of op het balkon — want daar begint het vaak.



