Wist je dat er een oud-Nederlandse groente is die bijna volledig van de radar was verdwenen, maar nu opeens in de hipste moestuinen van Haarlem tot Maastricht opduikt? Ik heb het over pastinaak – zo’n wortel die je oma waarschijnlijk nog uit het veld trok, maar die lange tijd een beetje een stoffig imago had. En opeens, echt waar, zie je hem bij de groenteboer én op de menukaart van dat nieuwe cafeetje op de hoek.
Ik vroeg me laatst af: waarom nu? Zijn we toe aan wat minder standaard in onze Hollandse bouillon? Of zit er meer achter deze ‘groenterenaissance’?
Terug van weggeweest: pastinaak in je tuin
M’n buurvrouw (altijd in de weer met haar volkstuin achter het spoor) vertelde het vorige week in ons appgroepje: “Pastinaak doet het hier weer goed, wie had dat gedacht?” Niet alleen zij trouwens — in Facebookgroepen voor tuinliefhebbers zie ik ineens foto’s van forse wortels voorbij komen.
Pastinaak is eigenlijk perfect voor het Nederlandse klimaat. Hij houdt wel van wat regen – hallo, voorjaar 2024 – en groeit zonder veel gedoe. Je zaait in maart, oogst diep in de herfst, soms zelfs ná de eerste nachtvorst. En eerlijk, ik vind hem makkelijker dan wortels of bieten. Nou ja, behalve als de katten weer alles om willen graven… dat is een ander verhaal.

Waarom nu ineens weer populair?
Er zijn een paar redenen waarom pastinaak zo’n revival maakt:
- Lokale eettrends: Alles wat homemade en authentiek is, scoort. Je bent geen echte hipster meer zonder een vergeten groente in je tuinbak.
- Gezond: Pastinaak is rijk aan vezels, vitamine C en foliumzuur. En minder zetmeel dan aardappel – voor wie daarop let.
- Smaak: Die zoetige, nootachtige smaak… Ik vind ‘m zelfs lekkerder dan aardappel in de ovenschotel. Al snap ik als je team aardappel bent.
Overigens – supermarkt pastinaak is vaak wat kleiner dan de joekels die je zelf kweekt… hoewel misschien heb ik gewoon geluk gehad met die van mij.
Zelf aan de slag: zo makkelijk is het echt
Kijk, ik ben geen tuin-goeroe. Maar zelfs met een balkonbak kun je pastinaak kweken. Zaadjes koop je bij Intratuin of online (Bol.com had laatst nog korting), stop ze 3 cm diep in goed vochtig zand. Vergeet niet: pastinaak wil rust, dus laat ‘m met rust tot het loof goed zichtbaar is — snoeien doe je pas veel later.
Mijn collega uit Rotterdam zweert trouwens bij zelfgemaakte chips van pastinaak. “Minder olie, veel meer smaak,” zegt ze. Ik probeerde ze vorige maand, waren snel op… hoewel ze íets te donker waren, maar je leert wel van je ‘misbaksels’.

Wat kun je ermee in de keuken?
Het leuke is: pastinaak is niet alleen voor stamppot. In Nederland is pastinaaksoep aan een opmars bezig (check de Instagram van lokale chefs – je ziet het overal opduiken). Maar roosteren in de oven, toevoegen aan curry, of gewoon rauw raspen in een salade werkt ook verrassend goed.
- Tip: Combineer pastinaakblokjes met pompoen en wortel, wat honing erover en roosteren maar.
- Oude klassieker: In Limburg schijnt men ze ook in zuurvlees te doen, maar zeker weten doe ik het niet…
En ja, de groente is ook geschikt voor kinderen die niet van spruitjes houden, zegt mijn zus uit Den Bosch: “Met een beetje appel zijn ze ineens enthousiast.” Misschien is dat gewoon haar opvoeding, wie zal het zeggen.
Nog meer vergeten groente om te proberen?
Nu pastinaak zijn comeback maakt, zijn andere ‘oma-groenten’ ook bezig aan een opmars – gekke dingen als schorseneren en aardpeer. Kans dat je binnenkort bij de Albert Heijn aan de Oudegracht ineens onbekende knollen ziet liggen.
Ben je zelf al pastinaakfan? Of heb je een gouden recept (of beter: een mislukking om te delen)? Laat vooral van je horen — nieuwe ideeën zijn altijd welkom.
In ieder geval, wie had verwacht dat oma’s moestuin ineens zo trendy kon zijn. Volgend jaar misschien eens proberen met kervelknol… in ieder geval, veel succes met zaaien!



